
Overzicht of overdaad? Wie zal het zeggen…
Lotus begon ooit met een aantal smaakvolle, lichtgewicht sportwagens naar typisch Britse leest. Na de overname door het Chinese Geely heeft het merk een gedaantewisseling ondergaan en ligt de focus op een elektrische line-up met hyper-SUV’s, elektrische GT’s en nog meer van dat soort moie termen. Met de herziening van de modelaanduiding Eletre en Emeya introduceert Lotus een nieuwe logica in zijn modellengamma: vermogenscijfers als typeaanduiding, gecombineerd met klassieke uitrustingsniveaus. De Eletre 600 GT SE? Die verwijst naar een 612 pk sterke SUV met luxeopties en een retrobadge op de kofferklep. Klinkt eenvoudig. Tenminste, als je het eenmaal doorhebt.
Volgens Lotus is de vernieuwde line-up dus overzichtelijker. Maar in de praktijk valt daar iets op af te dingen. De vermogenscijfers ‘600’ en ‘900’ lijken intuïtief, maar ze zeggen helemaal niets over de accu, het rijbereik of de laadmogelijkheden. En de terugkeer van GT-, Sport- en SE-labels is weliswaar een leuke referentie naar het verleden, maar creëert in combinatie met de cijfers vooral verwarring. En dat terwijl het om slechts twee modellen gaat.
Niettemin is de techniek van de Eletre en Emeya nog steeds indrukwekkend. Met laadtijden van 14 tot 20 minuten, een actieradius tot 610 kilometer en prestaties die een Porsche Taycan doen verbleken, blijft Lotus trouw aan zijn performance-DNA. Maar snappen de klanten door die nieuwe modelaanduidingen nog wel wat ze kopen?
Nieuwe labels voor vertrouwde namen
Lotus schaart zich met zijn nieuwe naamstrategie in het rijtje van merken die aanduidingen kiezen op basis van vermogen. Eletre 600 en Emeya 900 verwijzen naar respectievelijk 612 en 918 pk, geleverd door een dual-motor aandrijflijn met standaard vierwielaandrijving. Die cijfers zijn onmiskenbaar indrukwekkend – en binnen dit segment ook relevant. Vermogen is bij dit type auto niet alleen marketing, maar een wezenlijk onderdeel van de ervaring.
Toch wringt het in de uitvoering ervan. De typeaanduidingen verwijzen alleen naar het vermogen, terwijl er onderhuids wel degelijk verschillen zijn. Zo beschikt de Eletre over een bruto accucapaciteit van 112 kWh, terwijl de Emeya het met 102 kWh moet doen. Het verschil lijkt vooral te zitten in de fysieke accugrootte – en dus niet in de netto beschikbare energie, die bij de Emeya op 98,9 kWh ligt. Dat maakt het lastig om puur op basis van naamgeving in te schatten hoe groot het verschil in range of laadtijd werkelijk is.
Daar komt bij dat niet elke uitvoering overal leverbaar is. Zo ontbreekt de Emeya 600 in zijn basistrim op de Europese markt. Dat maakt het lastig vergelijken binnen het gamma – zeker als Lotus juist eenvoud en overzicht als uitgangspunt presenteert.
Labels GT, Sport en SE zijn weer terug
Naast de nieuwe vermogenslabels brengt Lotus ook een aantal klassieke typeaanduidingen terug. Benamingen als GT, GT SE en Sport, stevig verankerd in het erfgoed van het merk, krijgen nu een nieuwe invulling bij de elektrische modellen. Daarmee probeert Lotus waarschijnlijk vooral zijn verleden te eren. Ze zijn immers niet echt nodig om houvast te bieden in het nog niet echt omvangrijke modellengamma.
De herintroductie van deze labels is ook niet zonder risico. In combinatie met de vermogenslabels ontstaat er een breed pallet aan uitvoeringen: een Eletre 600 GT SE is iets anders dan een Eletre 600 Sport SE, al liggen ze qua prijs en uitrusting dicht bij elkaar. De één richt zich iets meer op luxe en interieurcomfort, de ander op dynamiek en actieve aerodynamica. Maar voor wie het aanbod vluchtig bekijkt, blijven de verschillen onduidelijk. En wie de aanschaf van een gebruikt of showroomexemplaar overweegt, zal zich helemaal op het achterhoofd krabben.
De benamingen zijn bovendien identiek voor de Eletre en Emeya, terwijl de onderliggende voertuigen verschillen in accugrootte, koetswerk en positionering. Dan zou de uniformiteit van de labels juist vrij ver moeten gaan, maar dat is dus niet zo. Wat krijg je nou precies bij een GT SE ten opzichte van een Sport? En waarin zit het verschil tussen een 600 en een 900 met dezelfde uitrustingslijn?
Prestaties en laadtijden onveranderd op topniveau
Op het gebied van prestaties en laadinfrastructuur verandert er weinig – en dat is in dit geval geen minpunt. De Eletre en Emeya blijven met hun dual-motor setup, 800V-architectuur en laadvermogen tot 350 kW tot de best presterende EV’s in hun segment behoren.
De cijfers spreken voor zich:
- Eletre 900 sprint in 2,95 seconden naar 100 km/u
- Emeya 900 doet het zelfs in 2,78 seconden
- Laadtijd van 10% naar 80%: 14 minuten (Emeya) en 20 minuten (Eletre)
- WLTP-rijbereik tot 610 km (Emeya) en 600 km (Eletre)
Wie dus vooral kijkt naar snelheid, actieradius en laadsnelheid, hoeft zich geen zorgen te maken. Op die vlakken levert Lotus nog gewoon wat het belooft en beloofde.
Wat betekent dit voor de Lotus-kopers?
Voor wie serieus overweegt om een Eletre of Emeya aan te schaffen, bieden de nieuwe naamstructuur en uitrustingsniveaus in theorie meer houvast. In de praktijk is het echter even zoeken. De verschillen tussen bijvoorbeeld een GT SE en een Sport SE zitten in nuances, en de vermogenslabels geven geen duidelijk uitsluitsel over accugrootte of prestaties.
Voor zakelijke rijders of fleetowners kan die complexiteit een drempel vormen. De keuzevrijheid is ruim, maar vergt wat verdieping – zeker wanneer de meerprijs tussen uitvoeringen oploopt tot tienduizenden euro’s. Ook voor de particuliere koper die in dit segment shopt, zijn overzicht en transparantie minstens zo belangrijk als vermogen en luxe. Het gaat immers om een heleboel geld.
Daarom is een showroombezoek misschien wel onontbeerlijk. Zo’n auto koop je natuurlijk ook niet vanaf papier. Emotie speelt hierbij een heel belangrijke rol. Laat je dus gewoon uitgebreid informeren door de verkoper. Nou ja, niet té uitgebreid, anders zie je door de bomen het bos niet meer. En dat is nou nét niet de bedoeling.
Dit artikel verscheen als eerste op: evupdate.nl